Dat wat me niet doodt, maakt me sterker

Hij is 75 jaar, een heel leven achter de rug. Hij loopt gebogen, het resultaat van de last die hij al die jaren heeft gedragen. Toch is hij trots op waar hij nu staat. Hij bidt elke dag en is Allah dankbaar dat hij nog steeds ademt en tijd door kan brengen met zijn kleinkinderen.

Levenslijn

Ik heb Opa Kazim geïnterviewd. Heer Kazim is geboren in 1933 in een dorp in Samsun, Turkije. Hij praat heel zacht. Het leek net als of hij een beetje verlegen was. Toch vertelde hij zijn verhaal. Soms kreeg ik het gevoel dat hij wilde huilen, maar zijn trots onthield dit. In zijn verhaal zat een boodschap; dat wat me niet doodt, maakt me sterker aldus F. Nietzsche.

“Ik was nog jong en wist wat verlies betekende. Mijn moeder overleed toen ik 8 jaar oud was. Zij kwam om tijdens haar bevalling. Ik miste haar geur. Als ik sliep wilde ik dat zij kwam en mijn hoofd aaide, maar dat was niet mogelijk. Wij waren arm. Mijn vader moest werken en ons verzorgen. Het was zwaar voor mijn vader, daarom verzorgde mijn tante mij en mijn broers. Ik had 3 broers en ik was een van de oudste. Mijn vader besloot om te hertrouwen. Ik kreeg er een broertje en een zusje bij. Pas op mijn 12de wist ik wat een moeder precies inhield.”

“Op mijn 18de werd ik geraakt door een verroeste schroef. Mijn hele been werd geïnfecteerd. De arts vertelde mij dat mijn been geamputeert moest worden. Ik was nog jong en wilde nog kunnen rennen en werken. De arts beloofde mij om mijn been te genezen zonder dat het geamputeert moest worden. Ik vertrouwde hem. Hij was er in geslaagd. Ik miste alleen mijn kleinste teen. Alsnog was ik Allah dankbaar.”

“Een jaar later ben ik getrouwd met mijn vrouw. Wij waren niet uit liefde getrouwd. Zij woonde ook in ons dorp we kenden elkaar en de familie ook. Ik ben blij dat zij mijn vrouw is. Een jaar later kregen we een zoon. Hij was mijn eerste kind. Ik hou van al mijn kinderen. Ik heb 5 kinderen gehad. We waren erg gelukkig in het huis. We sliepen met ze allen in een kamer.”

“Vanaf 1954 brak de hel voor mij. Eerst overleed mijn dochter. Daarna mijn zoon, hij was om gekomen tijdens een verkeersongeluk in 1975. Hij was nog jong, 23 jaar. Hij was zich aan het voorbereiden voor zijn huwelijk. Ik was in Duitsland toen ik het bericht kreeg.”

“Ik was nog niet lang in Duitsland. In 1971 liet ik mijn dorp achter om in een vreemd land geld te verdienen. In 1973 kwam mijn vrouw ook naar Duitsland. Het was voor ons alle twee moeilijk. Daarom bleven mijn kinderen in Turkije, in het huis van mijn broer. Later kwamen mijn kinderen ook naar Duisland.”

“In 1978 is mijn dochter getrouwd met haar geliefde. In 1981 kreeg ik mijn eerste kleinkind. Mijn zoon trouwde in 1981. Ik woon nu met mijn vrouw bij mijn zoon, zijn vrouw en mijn kleinkinderen. Mijn kleinste dochter trouwde in 1987. Na 1980 begonnen mijn gezondheidsproblemen. Toch ben ik blij dat ik kan lachen en met mijn vrouw over ons verleden kan denken wat we allemaal wel niet meegemaakt hebben, hand in hand.”

Geen reacties

Laat een reactie achter