"Je diploma is je man"

School is belangrijk voor later. Maar van de grote stad genieten, wanneer je jong bent, toch ook?

Een verhaal over een meisje uit Amsterdam Zuidoost.

Meisje in Amsterdam Zuidoost

Mijn naam is Denise, ik ben 17 jaar en ben geboren in Amsterdam Zuidoost. Mijn moeder en vader zijn beiden geboren in Suriname. Mijn culturele achtergrond is dus Surinaams. Wat het voor mij betekent om Surinaams te zijn? Natuurlijk lekker eten en we houden van feestjes. Contact met familie is belangrijk. Of je uitgenodigd wordt of niet, familie komt vaak op bezoek. Op zijn Hollands, we houden van “gezelligheid”. Ik kan de taal spreken en we gaan om de paar jaar op vakantie naar Suriname. Daar wonen een aantal familieleden maar de meeste familieleden, wonen hier in Nederland. Ik wil er later niet gaan wonen, want iedereen die ik ken, woont hier in Amsterdam. Ik zou nergens anders willen wonen.

Ik woon bij mijn moeder, samen met mijn broertje van 15 en zusje van 12 jaar in Amsterdam Zuidoost. Mijn vader heb ik gekend tot mijn 2e jaar. Daarna gingen mijn ouders uit elkaar, sindsdien heb ik geen contact meer met mijn vader. Mijn broertje en zusje hebben allebei een andere vader. Mijn moeder is nu alleenstaand. Ze werkt voor een schoonmaakbedrijf. Ik ben niet zo heel close met mijn moeder. Ze begrijpt me vaak niet. We hebben vaak ruzie. Dat gaat vaak over dat ik me meer moet richten op school en minder moet uitgaan. Ik begrijp wel dat het belangrijk is en waar het vandaan komt. Zij heeft zelf toen ze jonger was minder kansen gekregen. Ze heeft haar middelbare school in Suriname niet afgemaakt omdat ze voor mijn tantes moest zorgen, die jonger waren, zodat mijn oma kon werken. Mijn opa was niet meer in beeld. Toen ze mijn vader leerde kennen zijn ze naar Nederland gekomen. Het zou hier financieel beter zijn. Omdat een aantal familieleden in Amsterdam woonden, zijn ze ook naar Amsterdam gekomen. Ik werd vervolgens geboren en nadat mijn vader wegging, is ze als schoonmaakster gaan werken. Dat doet ze nog steeds.
Ze heeft weleens gezegd dat ze docente wilde worden maar niet de kans kreeg om door te leren. Daarom wil ze graag dat ik doorstudeer. En hier in Amsterdam kan ik qua opleiding en werk alle kanten op. Financieel hebben we het niet erg breed, ik vind het dus niet nodig om na deze opleiding door te gaan met studeren.
Ik volg nu de opleiding MBO-verpleegkundige. Ik weet niet of ik hierna doorstroom naar de HBO variant. De opleiding is niet heel moeilijk maar ik wil eigenlijk geen verpleegkundige worden. Eigenlijk heb ik alleen voor deze opleiding gekozen, omdat mijn moeder aangaf dat ik dan altijd werk zou kunnen vinden. Mijn beste vriendinnen Sherrish en Camilla zitten bij mij in de klas. Ze weten ook niet of ze doorgaan. Zonder hen ga ik niet doorstuderen. Want dan wordt school saai. Ik heb hen op school leren kennen, dat geldt overigens voor mijn gehele vriendengroep. School heeft dus gezorgd voor een groot gedeelte van mijn sociale contacten. Sherrish is ook Surinaams en Camilla komt uit Ghana. Ik ga meer om met Surinamers, Antillianen en Afrikanen. In mijn buurt, in Zuidoost wonen niet veel Hollanders, op mijn school wel. Ik heb niet zoveel met ze gemeen. Ik kan het beter vinden met mensen met dezelfde achtergrond als ik. We hebben dezelfde kledingstijl, luisteren naar dezelfde muziek en gaan naar dezelfde uitgaansplekken.
Ik weet nog niet waar ik later wil gaan werken. Het liefst zou ik stylist willen worden.
Ik krijg altijd complimenten over mijn outfits. Maar volgens mijn moeder is het een onzekere vak en heb je weinig kans op succes. Met mijn vrienden ga ik bijna dagelijks na school, naar het centrum van Amsterdam. Daar shoppen we maar meestal hangen we gewoon en maken foto’s voor mijn blog. Ik ben blij dat ik in Amsterdam woon. Er heerst een leuke sfeer hier en het is er lekker druk.
Elke zaterdag werk ik bij de kapsalon van mijn tante, hier in Zuidoost. Het is leuk om daar te werken. De vrouwen die daar komen, komen niet alleen uit Amsterdam maar overal vandaan, ze vertellen over hun zorgen en mijn tante geeft ze dan advies. Dat doet ze altijd op een grappige manier. Die problemen gaan meestal over mannen. Ik doe altijd alsof ik niet luister maar van binnen lach ik mee. Bij ons praat je niet over bepaalde zaken met volwassenen. Dan toon je geen respect. Mijn tante wil dat ik alles leer en later haar zaak overneem. Dan hoef ik niet zoals haar, hard te werken om iets op te richten. Dat wil ik echter niet, het is voor mij een leuk bijbaantje maar meer ook niet.

Op dit moment heb ik geen vriend. Mijn langste relatie duurde 10 maanden. Nadat ik er achter kwam dat hij vreemd ging, heb ik het uitgemaakt. Ik wil nu geen vriend. Ze geven je alleen maar hoofdpijn. Ik wil niet zoals mijn moeder worden. Later wil ik een man die goed voor me zorgt, trouwen en dan pas kinderen krijgen. Van mijn moeder mag ik ook nog geen relatie hebben. Ze wil dat ik eerst mijn school afmaak en dan ga werken. Ze zegt altijd “Je diploma is je man”. Dat betekent dat ik daar afhankelijk van moet zijn en niet van een man. Dat is echt zo’n “Surinaams” gezegde. Met mijn vriendinnen praat ik vaak over jongens.
Met mijn moeder praat ik daar niet over. Zeker niet over seks. Dat durf ik niet en mijn moeder zou dat ook niet leuk vinden. Zoals ik al eerder zei, dan toon ik geen respect naar haar toe. Ik ben door vrienden, school en door internet geïnformeerd. Ik keek geen porno of zo hoor, ik googelde het gewoon als ik ergens meer over wilde weten.
Ik heb het een en ander ook in de kapsalon van mijn tante gehoord. Ze maken er grappen over maar als je er doorheen prikt, begrijp je wel wat ze bedoelen.

Contact met mijn vrienden hou ik buiten school vooral via Facebook en instagram. Op instagram heb ik ook een blog. Ik blog over mijn outfits. Ik heb best veel volgers, ongeveer 250. Al het geld dat ik bij mijn tante verdien, gaat op aan mijn kleding. Ik moet het natuurlijk wel up to date houden en dagelijks foto’s maken. Mijn vrienden helpen me met foto’s maken. Als deze digitale middelen niet bestonden, had ik waarschijnlijk minder contact met mijn vrienden buiten school. We bellen elkaar niet vaak. Het contact loopt meer via whatsapp en Facebookberichten.

Ik ga elk weekend en vaak doordeweeks uit met mijn vrienden in het centrum van Amsterdam. We gaan dan dansen in een club. We dansen, schuren en flirten dan wel maar verder dan dat gaan we niet. Op Facebook kom je die jongens dan weer tegen en dan blijkt soms dat ze gewoon een vriendin hebben. Die gasten zijn gewoon niet te vertrouwen. Dan lijkt het alsof mijn moeder toch gelijk heeft, die diploma is mijn man.
Hopelijk heb ik daar wel wat aan.

Alle rechten voorbehouden
Geen reacties

Laat een reactie achter